
Hilde Kalthoff is pedagoge en heeft jarenlang gewerkt met kinderen die met armoede te maken hadden.
Stel een vraag
|
|
Voor zover bekend bestaan er voor professionals in de jeugdsector geen instrumenten die zich specifiek richten op armoede in gezinnen. Armoede heeft in combinatie met andere ongunstige omstandigheden negatieve effecten op verschillende aspecten van de ontwikkeling van het kind of op het gezinsfunctioneren. Voor het vaststellen van problemen in de ontwikkeling van het kind of het gezinsfunctioneren bestaan wel allerlei instrumenten. Met de genoemde instrumenten is overigens niet vast te stellen of armoede één van de oorzaken is van de betreffende problemen.
Eerst ziet u een selectie van instrumenten die bruikbaar zijn in het geval van armoede in gezinnen. Onder de selectie wordt dieper in gegaan op de ontwikkeling van het kind en het gezinsfunctioneren.
Hieronder vindt u een selectie van beschrijvingen uit de databank Instrumenten en Richtlijnen.
Nederlands onderzoek heeft aangetoond dat er een verband is tussen armoede en psychosociale problemen bij kinderen tot 12 jaar, als er sprake is van een opeenstapeling van risicofactoren. Er zijn instrumenten beschikbaar die globaal screenen op problemen bij kinderen zoals de 'Child Behaviour Check List', 'Youth Self Report' en de 'Strenghts and Difficulties Questionnaire' (SDQ)
Als uit deze vroegsignaleringsinstrumenten naar voren komt dat er op een bepaald gebied problemen zijn, is verder onderzoek nodig. Welke instrumenten dan het beste ingezet kunnen worden, is te lezen in de dossiers angst- en stemmingsproblemen, angststoornissen, depressie, gedragsproblemen en gedragsstoornissen.
Daarnaast is uit onderzoek gebleken dat heel weinig kinderen uit armoedegezinnen veilig gehecht zijn. Er zijn twee instrumenten om hechting van kinderen en/of ouders te meten, namelijk: het 'Gehechtheidsbiografisch interview' (GBI) en de 'Vragenlijst Fundamentele Onthechting' (VFO).
Ook vergroot armoede de kans op kindermishandeling. Meer informatie over de betreffende instrumenten staan in het dossier kindermishandeling.
Tot slot is armoede een risicofactor voor een ongezonde leefstijl en overgewicht. Informatie over instrumenten is te vinden in het dossier overgewicht.
Volgens de Belgische psychologe Lieve Vanhee (2009) bestaat er overeenstemming over het feit dat armoede vaak niet direct, maar indirect invloed uitoefent op de ontwikkeling van kinderen, onder meer via opvoeding, gezinsstructuur, kenmerken van de directe leefgemeenschap en het sociale netwerk waarin kind en gezin zijn ingebed (zie opvoeden).
Om de opvoeding binnen een gezin in kaart te brengen kan bijvoorbeeld de 'Gezinsvragenlijst' (GVL) worden afgenomen. Om de onderlinge relaties binnen een gezin te meten zijn onder meer de 'Familie Relatie Test' (FRT) en de 'Ouder-Kind Interactie Vragenlijst-Revised' (OKIV-R) beschikbaar.
Uit onderzoeken in de Verenigde Staten blijkt dat arme ouders meer stress ervaren. Er zijn verschillende instrumenten die de gezinsbelasting - waaronder de ouderlijke stress - in kaart brengen, zoals de 'Nijmeegse Ouderlijke Stress Index' (NOSI) en de 'Vragenlijst voor Gezinsproblemen' (VGP).