Home  > Kennis  > Dossiers  > Overlijden ouder  > Beleid > Wet- en regelgeving


Hilde  Kalthoff Hilde Kalthoff is contactpersoon voor professionals met vragen over het rouwproces.

Stel een vraag


Bekijk de video
Bekijk de video Hilde Kalthoff: 'Dit dossier geeft handvatten om kinderen te steunen en te begeleiden.'
Print Print pagina of dossier

Print deze pagina

Print het complete dossier

Of print een selectie
Achtergronden
Gezinsleven
Praktijk
Beleid
Onderzoek
Literatuur
Agenda
Links
Over dit dossier

Wet- en regelgeving

Rouwverlof niet geregeld

Eind 2001 is de 'Wet arbeid en zorg' (WAZO) in werking getreden. Hierin zijn verschillende vormen van verlof opgenomen. In veel cao’s krijgt bij het overlijden van de partner de overblijvende ouder enkele dagen vrij, als vorm van 'buitengewoon verlof'. In de praktijk gaat dit vaak over in betaald verlof, al dan niet vallend onder de Ziektewet.
Bij het overlijden van de partner is het niet mogelijk om zorgverlof op te nemen. Dit kan alleen als sprake is van een ziek kind of zieke partner. Ook langdurend zorgverlof is volgens het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid alleen daarvoor bedoeld: ‘Uw verlof eindigt (…) als de persoon voor wie u het verlof hebt opgenomen, overlijdt’. Meer over calamiteitenverlof en ander kort verzuimverlof.

Voor niet-gehuwden: erkenning noodzakelijk

Bij overlijden van een ouder krijgt de partner niet automatisch het gezag over de kinderen. Als in een huwelijk tussen man en vrouw een kind wordt geboren, dan zijn zij van rechtswege de ouders. Door het huwelijk ontstaan tussen de echtgenoten en het kind alle familierechtelijke banden, met alle rechten en plichten. Dit betekent ook dat beide ouders het gezag hebben over de kinderen en dat het erfrecht van de kinderen goed geregeld is. Bij ongehuwd samenwonen en geregistreerd partnerschap ontstaan door de geboorte van een kind alleen familierechtelijke betrekkingen tussen moeder en kind. De mannelijke partner moet het kind erkennen om een familierechterlijke band te krijgen, waarmee hij een onderhoudsplicht en een erfelijke band krijgt. Dit kan bij de burgerlijke stand of bij de notaris voor de geboorte of bij de geboorteaangifte. Er wordt dan een akte van erkenning opgemaakt. Maar met de erkenning is hij nog geen wettelijk vertegenwoordiger van het kind, dat wil zeggen dat hij beslissingen mag nemen over de opvoeding en de verzorging van het kind. Daarvoor moet hij ook nog het gezag aanvragen bij de griffie van de rechter. Bij een huwelijk of geregistreerd partnerschap krijgen de ouders automatisch samen het gezag over het kind.

Gezamenlijk gezag ouder en niet-ouder

Een ouder kan samen met een niet-ouder het gezamenlijk gezag over kinderen uitoefenen. Als partners niet getrouwd zijn, verkrijgt de niet-ouder (partner van de moeder) door het aanvragen van gezamenlijk gezag over een kind wel het gezag over het kind, maar er komen geen familierechtelijke banden tot stand tussen de partner en het kind. De partner van de moeder is dus niet de juridische ouder van het kind. Familierechtelijke banden kunnen er wel komen door adoptie van het kind of door erkenning van het kind door de mannelijke partner. Meer informatie van de Rijksoverheid over erkenning en aanvragen gezag.

Gevolgen bij overlijden ouder

Als er sprake is van een huwelijk, en een van de ouders overlijdt, dan heeft de overblijvende ouder nog steeds een familierechtelijke band en het gezag over het kind. Als de partners niet getrouwd zijn, dan moeten allerlei zaken op een andere manier vooraf goed geregeld zijn, door erkenning en het aanvragen van gezag. Want als een van de ouders komt te overlijden, dan kan dit allerlei consequenties hebben, op het gebied van zeggenschap over het kind, omgangsregels en erfrecht. Als beide ouders samen het gezag hebben, en een van de twee overlijdt, dan krijgt de andere ouder automatisch alleen het gezag. Als de ouder die alleen het gezag uitoefent overlijdt, dan bepaalt de rechter wie voortaan het gezag krijgt. Dit is bij voorkeur de andere ouder. Op de website van de Rijksoverheid staan de gevolgen van het overlijden van een ouder voor de verschillende gezinssituaties beschreven: Wie krijgt het gezag over mijn kind als ik kom te overlijden

Overlijden en homohuwelijk

Sinds 2001 kunnen in Nederland mensen van hetzelfde geslacht met elkaar trouwen of een geregistreerd partnerschap aangaan. Er zijn echter belangrijke verschillen met het huwelijk tussen een man en een vrouw wat betreft de relatie met de kinderen, en dit heeft ook gevolgen bij het overlijden van een van de ouders. Meer lezen over Overlijden en homohuwelijk.

Voogdij: een mondelinge afspraak telt niet

Wanneer beide ouders overlijden, wijst de kantonrechter een voogd toe. Als ouders in een testament of notariële akte een voogd aangewezen hebben, wijst de rechter bij overlijden van de ouders die persoon aan als voogd. Als er niets is vastgelegd in een testament of notariële akte, raadpleegt de rechter de familie en neemt dan een beslissing. Als er niet (meteen) een oplossing is, bijvoorbeeld omdat er meerdere geschikte voogden zijn, kan de rechter de Raad voor de Kinderbescherming om advies vragen. Als niemand in de familie- of vriendenkring de voogdij op zich wil of kan nemen, krijgt een voogdij instelling het gezag over de kinderen. Deze zal proberen een geschikt pleeggezin te vinden of het kind te begeleiden bij het zelfstandig wonen. Meer informatie van de Rijksoverheid over voogdij.
De website www.overlijden-overheid.nl geeft praktische informatie over wat geregeld moet worden wanneer een dierbare is overleden. De site is een initiatief van de Manifestgroep, een samenwerkingverband van elf overheidsorganisaties die de dienstverlening aan burgers wil verbeteren.

Verder lezen: