Ook in de jeugdzorg kan een kind veilig hechten
Artikel in Jeugdkennis (2013)
Gezinshuizen in de jeugdzorg (2012)
Rapport over ontwikkelingen rond gezinshuizen.
Kwaliteitstoolkit (2011)
Praktische methode voor verbeteringen in de residentiële jeugdzorg.
Bent u professional in de jeugdsector? Wij stellen uw reactie op dit dossier op prijs.
Cora Bartelink is contactpersoon voor professionals met vragen over uithuisplaatsing.
Stel een vraag
|
|
Al sinds de jaren zeventig streeft de overheid ernaar het aantal uithuisplaatsingen terug te dringen. Dit gebeurt vanuit de gedachte dat kinderen het beste in hun eigen omgeving kunnen opgroeien en dat het ook het beste is daar de problemen op te lossen. In 1989 is het principe van hulp ‘zo licht mogelijk, zo kort mogelijk en zo dicht mogelijk bij huis’, het zogenaamde 'zo, zo, zo-beleid', vastgelegd in de Wet op de Jeugdhulpverlening.
Ook in de Wet op Jeugdzorg is het 'zo,zo, zo'- principe – in afgezwakte mate – terug te vinden. Artikel 31, lid 4 luidt: 'Uitgangspunt bij de vaststelling van het provinciale beleidskader is dat het aanbod van jeugdzorg waarop ingevolge deze wet aanspraak bestaat, aansluit bij de behoefte van cliënten en bij het uitgangspunt dat jeugdzorg in het algemeen het meest doelmatig en het meest doeltreffend plaatsvindt in de minst ingrijpende vorm, zo dicht mogelijk bij de plaats waar de cliënt duurzaam verblijft en gedurende een zo kort mogelijke periode.'
De nadruk op kortdurende hulp zorgt er steeds vaker voor dat de duur van de hulp beperkt is. Daardoor worden ouders en kinderen meer op hun eigen verantwoordelijkheid en hun eigen mogelijkheden aangesproken. De andere kant van de medaille is dat chronische problemen minder onderkend en erkend worden en dat het moeilijker is hulp te vinden die aansluit bij complexe en chronische problemen.
Drama’s zoals met de peuter Savanna lijken (tijdelijk) voor meer ondertoezichtstellingen en uithuisplaatsingen te hebben gezorgd. In 2009 is het aantal uithuisplaatsingen weer licht afgenomen.