
Vindt u wat u zoekt? Voldoet de informatie? Help ons de kwaliteit van onze informatie te verbeteren.

Databank Effectieve Jeugdinterventies
Erkende interventies voor preventie en behandeling.
Samenwerkingsverband Effectieve Jeugdzorg Nederland
Jeugdzorginstellingen werken samen aan betere effectiviteit.
Cora Bartelink is projectleider van het 'Wat werkt?' project.
Stel een vraag
Het is voor hulpverleners niet makkelijk om te bepalen welke hulp nodig is als er sprake is van kindermishandeling of onveilige opvoedingssituaties. Bij zulke moeilijke beslissingen zijn mensen soms geneigd om intuïtief te beslissen, waardoor valkuilen zoals een tunnelvisie dreigen. Uit wetenschappelijk onderzoek en praktijkkennis blijkt dat besluitvorming in situaties waarin kindermishandeling speelt nogal wat vraagt van de houding, kennis en vaardigheden van hulpverleners.
Om kindermishandeling te stoppen en herhaling ervan te voorkomen is het belangrijk dat hulpverleners:
Om zorgvuldig te beslissen hebben hulpverleners kennis over de volgende zaken nodig:
Goede instrumenten kunnen een hulpmiddel zijn bij het in kaart brengen van de gezinssituatie. Daarnaast hebben hulpverleners kennis nodig over werkzame factoren in de hulpverlening na kindermishandeling: welke hulp is effectief bij gezinnen waar sprake is van kindermishandeling?
Om samen met gezinnen te beslissen over de benodigde hulp hebben hulpverleners een aantal vaardigheden nodig:
Goede besluitvorming over kindermishandeling vraagt niet alleen een specifieke houding, kennis en vaardigheden van hulpverleners. Het is ook belangrijk dat voldaan is aan een aantal randvoorwaarden in de organisatie en de keten. Om hun werk goed te kunnen doen en kritisch te blijven over hun werk moeten hulpverleners training en supervisie krijgen en moet hun caseload realistisch zijn. Ook zijn goede afspraken nodig over samenwerking in de keten, vooral over goede informatie-uitwisseling en afstemming van de werkwijzen van de instanties die met een gezin te maken krijgen.
Goede besluitvorming betekent ook dat er nog dingen onderzocht en ontwikkeld moeten worden. Zo is er meer onderzoek nodig naar de betrouwbaarheid en validiteit van instrumenten voor het beoordelen van kindermishandeling en naar de effecten van interventies die ingezet kunnen worden na kindermishandeling. Hulpverleners hebben methodieken nodig waarin de benodigde houding, kennis en vaardigheden zijn geëxpliciteerd en praktisch toepasbaar zijn gemaakt.
Er zijn al enkele werkwijzen beschikbaar, zoals de ORBA-werkwijze: Onderzoek Risicotaxatie Besluitvorming AMK's. Daarmee kunnen hulpverleners bij AMK's hun besluiten expliciteren en structureren. Om de veiligheid van kinderen in een gezin in te schatten kunnen beroepskrachten de checklist 'LIRIK' gebruiken: Licht Instrument Risicotaxatie Kindveiligheid (voor AMK-medewerkers opgenomen in de ORBA-werkwijze). Samen met gezinnen kunnen beroepskrachten vervolgens een veiligheidsplan opstellen met de methode 'Signs of Safety', die gericht is op verbetering van gespreksvaardigheden met kinderen en ouders. Werkwijzen als ORBA en Signs of Safety vormen een deel van de hulpmiddelen die beroepskrachten nodig hebben om de veiligheid van kinderen te verbeteren. Het is vooral belangrijk dat werkwijzen geïntegreerd worden, omdat beroepskrachten zich nog vaak afvragen welke werkwijze ze op welk moment moeten gebruiken.
Meer informatie over beslissen in onveilige opvoedingssituaties vindt u in Beslissen over effectieve hulp in onveilige opvoedingssituaties
.